Nieuws do 10 jun. 2021

Hugo de Groot bespreekt...de Zesde symfonie van Tsjaikovski

Onze collega Hugo de Groot deelt graag zijn rijke muzikale kennis met Vrienden.

Schreef Tsjaikovski onbedoeld zijn eigen requiem?

De Zesde symfonie van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893) is het laatste werk dat hij vervolmaakte. Tsjaikovski schreef zijn Zesde symfonie tussen februari en eind augustus 1893. Hij dirigeerde zelf de première in de Zaal der Nobelen in Sint-Petersburg. Negen dagen na de première sterft hij. De symfonie bleek een ‘succes d`estime’, hetgeen betekent ‘niet erg succesvol’, maar pas later werd duidelijk hoe belangrijk dat moment was. De tweede uitvoering van deze symfonie was bijna drie weken na de première en stond onder leiding van Eduard Napravnik. Het werd gespeeld op het herdenkingsconcert ter ere van de componist. Ditmaal was het een doorslaand succes dat niet alleen lag aan de fantastische uitvoering. Wat ook zeker meespeelde was dat dit het laatste werk was dat Tsjaikovski schreef en dat het qua thematiek en sfeer precies aansloot op een collectief gevoel dat er om zijn sterven heerste.

Met name zijn plotselinge dood na de première leidt tot op de dag van vandaag tot veel speculaties. Was het zelfmoord uit radeloosheid, was het zelfmoord in opdracht van bijvoorbeeld een regime of was het ziekte? 

Een van de theorieën is dat hij stierf door ziekte. In Sint-Petersburg heerste een epidemie van cholera, dat je kon oplopen door bijvoorbeeld ongekookt leidingwater te drinken.

Een andere theorie over zijn dood stamt uit 1979 en komt voort uit een publicatie van musicologe Alexandra Orlova. Zij beweert dat Tsjaikovski zelfmoord pleegde om de eer te redden van zijn vroegere medestudenten en school vanwege de mogelijke bekendwording dat Tsjaikovski grote liefde voelde een jongeman van stand. Een theorie die jarenlang werd onderschreven, zelfs door zijn belangrijkste biograaf David Brown. Hij beweert op zijn beurt dat het verhaal over de opgelopen cholera verzonnen is door Tsjaikovski’s broer Modest en neef Vladimir Davidov, de laatste is beter bekend als Bob of Bobyk. Beiden lagen Tchaikovski na aan het hart. Bob was zijn grote liefde en deze liefde was wederzijds. In de 19de eeuw was een homoseksuele relatie ondenkbaar en zelfs een schande. Dit stempel drukte hevig op de verlangens van Tchaikovksi en zijn neef Bob. Een groot deel van de depressies waar Tchaikovksi aan leed, vinden zijn oorsprong in dit verdriet. Hetzelfde geldt voor neef Bob die uiteindelijk in 1906 zelfmoord pleegde.

Deze theorie werd in 1988 neergesabeld door drie wetenschapper: schrijfster Nina Berberova, musicoloog Malcolm Brown een Russische muziek en literatuur historicus Simon Karlinsky. Zij verwierpen Orlova’s conclusie, omdat het op zeer mager bewijs zou zijn gebouwd. Terug naar af: was het toch cholera, opgelopen door ongekookt leidingwater te drinken?

Of misschien ligt het antwoord van zijn plotselinge dood versleuteld in de symfonie zelf?

Tchaikovski wilde in zijn symfonie uitdrukking geven aan de het leven. Hij schreef dat eens aan zijn neef Bob. In deze brief stond dat hij bruiste van de ideeën en dat het eerste deel in slechts vier dagen op papier stond en dat hij de rest van de van het werk ook al in grote lijnen had uitgeschreven. Hij had er ook al een naam voor: Programma symfonie. Dit omdat programma muziek voor orkesten een standaard was geworden in de hoog romantiek – kenmerkend voor dit soort werken is de vrije vorm van componeren met bijna altijd buitenmuzikale onderwerpen. Zijn broer had bedacht dat deze De Tragische zou moeten heten. Tsjaikovski kon zich er niet in vinden maar Modest kreeg nóg een idee en opperde de naam: Patetichesky (Pathétique). Hier kon Tsjaikovski zich wel in vinden. Een dag later bedacht Tsjaikovski zich want hij wilde dat op het voorblad van de partituur de volgende tekst zou worden opgenomen: voor Vladimir Ludovich Davidov no.6. Helaas werd dit niet gehonoreerd. De uitgever van de partituur was niet uit op een rel over het liefdesleven van Tsjaikovski, want er werd in de wandelgangen al druk gespeculeerd hierover. Hij hield het bij Pathétique. Met deze naam kwam het werk, kort voor de première van de pers. Voor de componist een grote teleurstelling.

Hoewel de opzet van de symfonie in eerste instantie heel anders was dan bedoeld, vond Tsjaikovski van zichzelf dat dit het beste was dat hij tot dan had geschreven. Het is interessant om te weten dat hij duidelijk een uitdrukking wilde geven aan de delen. Het eerste deel (Adagio-Allegro non troppo) moest vol van leven zitten; impulsieve gevoelens met veel stuwkracht. Het tweede deel (Allegro con grazia) gaat over de  liefde het derde (Allegro molto vivace) over teleurstellingen van het leven. Het vierde deel (Finale: Adagio lamentoso)  sterft langzaam weg en bevat een melodie lijn die ook in het Russisch orthodox requiem te horen is. Wij vinden nergens terug of Tsjaikovski er bewust voor heeft gekozen om de laatste noten die hij schreef zo te laten wegsterven als in het laatste deel van de laatste symfonie die hij schreef.

Ook Tsjaikovski’s Pathétique is niet de sleutel tot de verklaring van zijn dood.

Wat rest is eigenlijk alleen een gedachtegang en een gevoel die beiden even ontroerend als verwerpelijk zijn. Het lijkt allemaal op een soort goed geschreven en confronterend script. Goed geschreven, omdat zijn dood en zijn laatste noten precies passen in het moment. Confronterend, omdat zijn dood altijd in verband zal worden gebracht met zijn homoseksualiteit. Voor die tijd verwerpelijke en schandelijke gevoelens. Dat een mens dit tot waanzin kan drijven is hartverscheurend, maar helaas evident.

Meer weten?